Bestuurdersaansprakelijkheid – aanvulling op de Beklamelnorm

Dit artikel is geschreven aan de hand van een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 4 december 2018 (ECLI:NL:GHARL:2018:10344). Het betreft een aanvulling op de zogenaamde Beklamelnorm. Dit is een van de grondslagen voor externe bestuurdersaansprakelijkheid zoals dat is uitgemaakt in de jurisprudentie.

Bestuurder wordt aangesproken wegens onrechtmatige daad

In het kader van een projectontwikkeling moest de BV betalingen uitvoeren aan de partijen die eisers zijn in deze procedure. Voor het project was een financiering nodig, die echter niet werd verstrekt. Daardoor was de BV niet in staat te betalen. Vervolgens hebben de eisers de bestuurder van de BV persoonlijk aangesproken wegens een onrechtmatige daad.

Volgens de eisers is de bestuurder de overeenkomst aangegaan, terwijl zij op dat moment al wist, althans redelijkerwijs behoorde te begrijpen dat de BV deze niet zou kunnen nakomen en geen verhaal zou bieden voor de schade die eisers daardoor zouden lijden.

Rechtbank oordeelt: bestuurder slechts gedeeltelijk aansprakelijk

De rechtbank oordeelt dat de bestuurder aansprakelijk is, maar niet voor het gehele gevorderde bedrag. De eisers zijn volgens de rechtbank gedeeltelijk zelf schuldig aan het ontstaan van de schade ex artikel 6:101 BW.

De eisers gaan in hoger beroep.

Gerechtshof: geen sprake van onrechtmatig handelen door bestuurder

Het hof beoordeelt het geschil vanuit een andere hoek dan de rechtbank en komt tot een ander oordeel. In het kader van de Beklamelnorm geldt als uitgangspunt dat als een bestuurder beschikt over zodanige informatie dat hij weet of behoort te begrijpen dat de vennootschap de verplichtingen die aangegaan worden niet zal kunnen nakomen en geen verhaal zal bieden voor de daaruit voortvloeiende schade er sprake kan zijn van onrechtmatig handelen. Het hof overweegt daarbij echter dat als die informatie gedeeld wordt met de contractuele wederpartij voordat de overeenkomst wordt gesloten, er geen sprake is van onrechtmatig handelen.

Partijen beschikken over dezelfde kennis en er wordt door de bestuurder niet de indruk gewekt dat de BV de verplichtingen uit de overeenkomst zal kunnen nakomen terwijl zij al weet dat dit waarschijnlijk niet het geval is.

Het hof oordeelt dat de kennis die bij de bestuurder verondersteld wordt, ook aanwezig is geweest bij de eisers. Het aangaan van de overeenkomst was daarmee niet onrechtmatig en de vordering wordt afgewezen.

Aanvulling op de Beklamelnorm

Uit het arrest volgt een aanvulling op de Beklamelnorm in die zin dat er sprake moet zijn van een kennisverschil tussen de bestuurder en de contractpartij.

Wordt u geconfronteerd met bestuurdersaansprakelijkheid of heeft u daar vragen over? Vraag het aan Sebastiaan van Leeuwen

Heeft u een vraag over dit artikel?

Sebastiaan van Leeuwen
Advocaat
Expertises: Ondernemingsrecht, Insolventierecht