Geldt er een hogere maatstaf van integriteit voor de genormaliseerde ambtenaar?

Ja. Voor de genormaliseerde ambtenaar geldt volgens de kantonrechter in Arnhem een hogere maatstaf van integriteit (ECLI:NL:RBGEL:2020:3594). De kantonrechter in Maastricht gaat zelfs een stapje verder en vindt dat die hogere maatstaf ook geldt in privétijd (ECLI:NL:RBLIM:2020:5624). We leggen uit hoe het zit.

De genormaliseerde ambtenaar

Op 1 januari 2020 is de Wnra in werking getreden. Sindsdien zijn er twee groepen ambtenaren. Ambtenaren die op basis van een aanstelling werken en ambtenaren die op basis van een arbeidsovereenkomst werken. De tweede groep wordt ook wel de ‘genormaliseerde’ ambtenaar genoemd. Als gevolg van de Wnra is de rechtspositie van de genormaliseerde ambtenaar gewijzigd. Wat niet is veranderd is de ambtelijke status van de genormaliseerde ambtenaar: hij vertegenwoordigt nog steeds de overheid en het publieke belang. In dat kader wordt al langer de discussie gevoerd of van de genormaliseerde ambtenaar een grotere mate van integriteit mag worden verwacht dan van een ‘gewone’ werknemer. De kantonrechters in Arnhem en Limburg vinden van wel.

Hogere maatstaf van integriteit

Wat was er aan de hand?

De kantonrechter in Arnhem moest oordelen in de volgende casus.

Het Kadaster had aan een werkneemster, een genormaliseerde ambtenaar, een leaseauto en NS Businesscard ter beschikking gesteld. De NS Businesscard mocht zij alleen zakelijk gebruiken, de auto mocht ook privé gebruikt worden. Het Kadaster verweet haar in een ontbindingsprocedure dat zij niet integer had gehandeld door jarenlang te veel privékilometers te rijden en bovendien de NS Businesscard voor privéreizen te gebruiken. De werkneemster stelde zich wat betreft de leaseauto op het standpunt dat het privégebruik niet gemaximeerd was. Ten aanzien van de NS Businesscard verweerde ze zich door aan te voeren dat haar dochter daarmee zonder dat zij dat wist had gereisd.

Het oordeel van de kantonrechter

Uit de gebruiksovereenkomst van de leaseauto hoefde werkneemster niet af te leiden dat het gebruik van de auto gemaximeerd was. Wat betreft de NS Businesscard kon werkneemster alleen verweten worden dat zij daar onvoldoende toezicht op had gehouden. Daarom was er geen sprake van misbruik van bedrijfsmiddelen, ook niet met het oog op de hogere maatstaf van integriteit die voor werknemer als ambtenaar geldt. Daarom heeft de kantonrechter de arbeidsovereenkomst niet ontbonden.  

Helaas blijft een uitvoerige behandeling van de hogere maatstaf uit, maar de boodschap is duidelijk. Op de genormaliseerde ambtenaar rust een hogere maatstaf van integriteit.

De overweging

De overweging van de kantonrechter in de uitspraak:

“Naar het oordeel van de kantonrechter is dan ook geen sprake van misbruik van bedrijfsmiddelen, ook niet gelet op de hogere maatstaf van integriteit die voor [werkneemster] als ambtenaar geldt, zodat de verzochte ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van verwijtbaar handelen en/of nalaten van [werkneemster] wegens gebrek aan feitelijke grondslag zal worden afgewezen.”

Hogere maatstaf van integriteit tijdens privétijd

Wat was er aan de hand?

De kantonrechter in Maastricht moest een uitspraak doen in de volgende casus.

Een medewerker van Rijkswaterstaat werd ervan verdacht betrokken te zijn bij verschillende hennepkwekerijen. In dat kader is hij door de Belgische politie in voorlopige hechtenis genomen en heeft hij vier maanden vast gezeten. In het door zijn werkgever gestarte integriteitsonderzoek heeft hij verklaard dat hij zich nooit heeft beziggehouden met illegale en/of criminele activiteiten. De werkgever vond geen directe aanwijzingen voor een integriteitsschending en de werknemer mocht weer aan het werk. Hij werd er wel voor gewaarschuwd dat hij bij een veroordelend vonnis ontslagen zou worden. De Belgische strafrechter oordeelde later dat werknemer een leidinggevende rol had bij de exploitatie van de hennepkwekerijen. Hij kreeg onder andere een gevangenisstraf van 40 maanden opgelegd. Dat was voor Rijkswaterstaat aanleiding om werknemer op staande voet te ontslaan.

De werknemer vond dat er geen reden was voor een ontslag op staande voet, omdat zijn handelen in privétijd had plaatsgevonden. Rijkswaterstaat voerde onder andere aan dat aan medewerkers van de overheid hoge integriteitseisen worden gesteld en dat die eisen ook gelden tijdens privétijd.

Het oordeel van de kantonrechter

De kantonrechter overwoog dat het plegen van strafbare feiten voor een ‘gewone’ werknemer al een dringende reden kan zijn voor een ontslag op staande voet. De werknemer wordt daarmee immers het vertrouwen van zijn werkgever onwaardig. Dit geldt volgens de kantonrechter in grotere mate als de werkgever een overheidsorgaan is en de betreffende werknemer dus een (genormaliseerde) ambtenaar. Het plegen van strafbare feiten levert volgens de kantonrechter strijd met het beginsel van goed ambtenaarschap op. Op basis van dat beginsel moeten ambtenaren zich zowel binnen als buiten werktijd gedragen als een goed ambtenaar betaamt en zich onthouden van het plegen van strafbare feiten.

De overweging

De overweging van de kantonrechter in de uitspraak:

“Het plegen van dergelijk ernstige strafbare feiten door een werknemer zal ook voor menig burgerlijke werkgever een dringende reden opleveren voor ontslag op staande voet omdat de werknemer daarmee het vertrouwen van zijn werkgever onwaardig wordt, maar dat geldt zelfs in nog grotere mate indien – zoals in het onderhavige geval – die werkgever een overheidsorgaan is en de betreffende werknemer een ambtenaar. De verplichting van een ambtenaar om zich zowel in als buiten diensttijd te gedragen zoals een goed ambtenaar betaamt (zoals neergelegd in art. 6 van de Ambtenarenwet 2017) – waartoe het zich onthouden van het plegen van strafbare feiten behoort – is door zijn betrokkenheid bij de onderhavige hennepplantages in grove mate geschonden. Het verzoek kan dan ook niet slagen.”

Vragen of advies?

Heeft u vragen of wilt u advies? Neem dan contact met ons op.

Heeft u een vraag over dit artikel?

Hülya Özbakir
Juridisch medewerker
Expertises: Arbeidsrecht, Onderwijsrecht, Privacyrecht